Tag Archives: bevalling

PERSOONLIJK| ZWANGERSCHAP EN BEVALLING | EN ZE LEEFDEN NOG LANG EN GELUKKIG….

6 Feb

Liefste Kate, DEEL #3

 

Mijn ogen moeten wennen aan het licht. Twee witte jassen. Serieuze blikken. Ik knipper met mijn ogen, huil en roep. Is ze dood? Hoe ik me voel is niet te omschrijven. Een wrak, lichamelijk en emotioneel. Dat komt nog het meest in de buurt.

“Nee mevrouw….”De arts praat langzaam. “We denken dat uw kind mogelijk een syndroom heeft. Sijbrand trekt wit weg, en ik vraag: ‘Welk syndroom?’.  “Down syndroom, kent u dat”, zegt de arts. Ik kan haar wel door elkaar rammelen, die arts. Ze doet echt of we uit een ei komen.  Kent u dat? Meende ze dat serieus? Dat we er niet op ons best bij zitten mag wel duidelijk zijn. Maar hallo!?….. Net bevallen.  Twee nachten lang geen seconde geslapen. Bont, blauw en gehecht. Ons meisje moeten overleveren aan artsen. What ’s next?

“Er is een verdenking op downsyndroom, herhaalt ze”  Een paar uur oud ben je, en nu al verdenken ze je ergens van. Het woord ‘verdenken’, roept associaties op met verdenking van diefstal of criminele activiteiten. Gut. Een paar uur oud en nu al ben je verdacht.

De stukken daarna mis ik. Vlagen ervan komen af en toe nog voorbij. Sijbrand kan geen woord uitbrengen. Hij is verslagen. Zo heb ik hem in al die jaren nog nooit gezien.

Ik hoor mezelf vragen op basis waarvan er een ‘verdenking’ is. Op basis van slapheid, vertelt de arts me. We moeten drie dagen wachten op de uitslag. Verder herinner ik me niets. Sijbrand wordt boos, en verdrietig, hij breekt, ik breek. Ik wil hem troosten maar kan niet uit bed. Hij komt naast me op bed zitten en we houden elkaar vast. We huilen. Dit kan niet waar zijn.

Dag roze wolk. Hallo boze droom. De rest van de nacht en de dag erna kan ik alleen maar huilen. Mijn ogen zijn zo dik, dat ik ze amper open kan houden. Ze zijn rood en doen zeer. Mijn tranen raken niet op. Na de bevalling heb ik niet geslapen, en was er dubbel slecht nieuws. 48 uur lang  emotionele en lichamelijke topsport…

De dagen daarna begint alles te landen. Onze grootste zorg is jouw herstel.  Jij vecht voor je leven. Soms is er een terugslag. Na 2 dagen ga je stapjes vooruit maken. De antibiotica lijkt aan te slaan, wat wijst in de richting van een infectie. Je ligt aan de CPAP, maar doet het steeds beter.

Je knapt op. Als een donkere wolk komt af en toe het ‘mogelijke down-syndroom’ bij ons boven drijven. Ik wil het niet, maar kijk of ik iets aan je zie wat past bij downsyndroom. En daar wordt ik dan vervolgens weer verdrietig van. Ik wil je niet beoordelen. Wat de uitslag ook mag zijn. Wij redden het.

In de gedachte dat kindjes hun ouders uitzoeken, vinden we rust. We houden van je, je hoort bij ons, en de liefde stroomt elke keer dat we je zien. Down of niet. We vinden onze weg. Jij hoort bij ons. Dat de weg er anders uit gaat zien met de diagnose ‘down’, en dat er medische aspecten bij komen kijken, maakt dat we natuurlijk hopen op goed nieuws.

Een week lang leven we in onzekerheid. We slapen amper. We vieren jouw geboorte. We zijn bezorgd over je gezondheid. We lachen om je schattige haartjes, en lieve neusje. We geven je kusjes. We kijken naar je oogjes. Zien wij iets aan je? Is je pink krom? Staat je teen af? Is je nekplooi dik? Alles wat we zien is een prachtig meisje. Klein en sterk. Niet meer. Niet minder. Ons gevoel diep van binnen schreeuwt dat het niet waar is, maar de onzekerheid is killing.

2015-10-29 16.01.31

Ikzelf negeer dat ik moet herstellen.  Ik zit bij jou, ik kolf, of ik probeer te slapen. Het irriteert me dat ik nog niet mobiel genoeg ben om naar je toe te lopen. De rolstoel moet me brengen. Ik negeer het. Gewoon doorgaan. Ik moet er voor je zijn. Je moet mijn stem horen. Ik wil alles meemaken. Toch krijg ik wat klachten. Ik ben zo ontzettend duizelig dat het bijna eng is om rechtop te zitten.  Weer die flitsen in mijn hoofd. Mijn rug doet zeer, en mijn buik ook.  Als de gynaecoloog langs komt breek ik. Stoppen met huilen lukt niet meer. Ik krijg diclofenac tegen de pijn in mijn rug en buik. Voor de nacht krijg ik temazepam. Dat is mijn overlevingscocktail.

Je zussen worden voorbeid op alle slangetjes en beademing. Wat een intens moment beleven we als ze jou voor het eerst zien. Zo anders dan gepland. Maar zo puur. Wat zijn ze trots. Ze stralen als ze jou zien. Jij hoort bij ons, en wij bij jou. ‘Mama, ik ben zo blij met Kate,.. dat ik van binnen moet lachen’ zegt Nova. Jouw zussen zoeken een knuffel voor je uit in de ziekenhuis- winkel. Deze komt in jouw wiegje.

Het verbaast ons hoe nuchter kinderen zijn. “Vind je de slangetjes eng?” Vragen we aan Nova. “Ik vind het helemaal niet eng, Ik vind Kate alleen maar super mooi” antwoord Nova.

Als we met zijn vijven zijn, vergeten we  alle zorgen even. We bekijken jou door de ogen van jouw zussen, en laten ons mee voeren in hun wereld. We lachen om jouw snorkel, zoals ze de beademing noemen. We tellen vingertjes en teentjes, en genieten in het kwadraat.

2015-10-31 14.19.49

Wat zijn we trots. Je CPAP gaat af, deze maakt plaats voor een flowsnor. We buidelen voorzichtig voor het eerst, en wat ruik je lekker, lieve Kate…Ik wil je nooit meer loslaten.

Jouw huid op mijn huid. Wat is geluk toch simpel. Wat is geluk toch klein. Eerst waren simpele aanrakingen voor jou al te veel, en nu lig je op mijn borst. Wat heb ik dat gemist. Mijn lichaam schreeuwde om jou bij mij.  9 maanden heb ik je bij me gedragen, je werd geboren en toen was daar die opname en onzekerheid.  Slangen, toeters , bellen, medicatie, een sonde, maar nu was daar hét moment. Ons moment.

2015-10-30 15.39.27

Je bent breekbaar, het leven is breekbaar. Wij gaan het redden, ik voel het. De tranen stromen , en wilde dat ik het moment kon bevriezen. Blijf bij ons lieve Kate. We laten je nooit meer gaan.

Op een middag komt de verpleegkundige binnenlopen. Ze hebben mij positief getest op GBS. Dat is een streptokok B. Veel vrouwen dragen dat bij zich. Niet alle pasgeborenen worden er ziek van, maar als ze er ziek van worden is het heel ernstig en kan het zelfs een dodelijke afloop hebben.

Het klinkt gek, maar wij waren blij met de uitslag. Er was eindelijk een reden voor jouw ziek zijn gevonden. Alhoewel de uitslag bij jou niet uit de bloedkweek kwam, was voor ons 1 + 1 = 2.

Korte snelle ademhaling en benauwdheid hoort er bij het ziektebeeld. Geen wonder dat na uren kortademigheid, je slap werd.

De uitslag van de test op down liet uiteindelijk een week op zich wachten. Er gaat iets mis met de test, en ons geduld wordt enorm op de proef gesteld. Als de uitslag er is, en deze goed is, zijn we in alle staten. Als een kind zo blij. We huilen, en gillen het uit van blijdschap. Ons gevoel klopte.

Als ik terug kijk op die heftige start van jouw leven, met ons, dan blijkt maar weer hoe sterk wij zijn.

Ons gezin heeft de afgelopen jaren ondertussen voor hete vuren gestaan. Steeds weer blijken jouw papa en ik een ijzersterk team. We zijn in staat er voor elkaar te zijn, te overleven, en als een geoliede machine zijn we in staat ons overal doorheen te slaan. Bij de pakken neer zitten heeft geen zin. Het gaat er niet om wat je allemaal wel niet overkomt. Het gaat erom hoe je ermee omgaat. Daarin heb je een keuze.

Als ik terugkijk voel ik liefde. Ik voel rijkdom, ik voel kracht, en blijdschap.

Blij zijn wij. Blij dat jij bij ons mag zijn. Blij dat jij, jij bent, en blij dat wij samen wij zijn.

When love meets, magic happens…

 

2015-10-31 15.51.11


 

Advertenties

We did it! 3 maanden later.

16 Jun

Ontelbare keren met gierende banden en slippende sneakers naar de verloskamers, ladingen drugs, temazepam, pethidine, weken met ontsluiting, weeen die moesten oprotten, weeën die niet doorzette, innerlijke check ups, gebroken vliezen, schoenzolen met ondefiniëerbare aardappelpuree, snurkende buurvrouwen, tranen, frustraties, een wereld van cervixmetingen, dokterende doktertertjes, wel weenremming, géén weeën remming, vanaf 26 weken elke week horen;  ‘mevrouw u gaat nú bevallen’ ….maar, …weken later,  god op mijn blote knietjes smeken om actie in de taxi, weeen XL en mucho rapido als het even kan!

Ik heb me ziek gedronken aan bitterlemmon, een maagzweer gegeten aan ananasharten en alle tips en tricks uitgeprobeerd om te ontsluiten als nooit te voren, zonder succes en in het verleden behaalde resultaten bleken geen garanties voor de toekomst.
Waar in het WKZ een inleiding beloofd werd met 37 weken, krabbelden ze terug toen het zover was. Uiteraard was ik in alle staten na alle ellende en het wachten meer dan beu..
Een ding stond vast:  ‘niet meer sollen met Tess’, en dus regelde ik de volgende dag een second opinion in het Antonius ziekenhuis.

De lucht klaarde op en de wolken verdwenen als sneeuw voor de zon, toen onze weledele heer ,drs Thé, mijn mening deelde en een paar dagen later een inleiding plande. Die man verdient niet één voetstuk, nee honderd. Ik ben hem tot op de dag van vandaag dankbaar voor deze beslissing want nog meer nachten in het ziekenhuis platgespoten worden met steeds hogere doseringen ‘dope’  was een overduidelijke ‘No go!’
Offcourse gooide spoed op de verloskamers roet in het eten en werd mijn geplande bevalling alsnog een dag uitgesteld maar dat ene dagje kon er ook nog wel bij. (Ik heb immers al vaker op de verloskamers gelegend dan iemand met tien kids, het werd haast gezellig..)

Ik beviel met oerkrachten en snelheden waar je u tegen zegt op de Jazzy klanken van Melody Gardot. Mijn ruggeprik werkte maar aan één kant  en toen ik dacht dat ik dood ging bleek ik met hulp van de wee opwekkers binnen één uur van 3 naar 10 cm gegaan te zijn. Wooooeeeiii, die weeën dansjes hebben blijkbaar toch geholpen.. Toen later bleek dat ik ‘down under’ ‘Total loss’ was verklaard en de gynaecoloog aangerukt werd om te hechten vond ik zelfs dat niet erg, dat deed ik er ook nog wel even bij. Ons meisje was gezond, uit mijn buik, en de tranen waren niet te stoppen.
Dat het een illusie was dat ik het eindelijk zonder drugs af zou kunnen bleek al de eerste nacht toen de verloskundige met een wit hoofd probeerde normaal te reageren toen ze de schade zag. Diclofenac en, ….je raadt het al…, Temazepam,  mijn  oude vertrouwde ‘vriend’ in barre tijden.

Ook het naar huis gaan verliep natuurlijk niet zo ‘smooth’ als het zou moeten. Sijbrand is onze Jula aan het aangeven bij de gemeente om mij vervolgens op te halen en mee te nemen. Hij is nog niet weg of ik denk dat mijn kind stikt,.. als een kieviet spring ik op (vraag me niet hoe) en roep ik de zuster.
Ik wordt aangekeken of het een uiterst normale ‘ ik ben net bevallen en dus overbezorgd’ reactie is, en of alle baby’s wit en blauw wegtrekken om hun mondje…  Voor de vorm biedt ze aan bij me te blijven voor als het nog een keer zou gebeuren. Nog geen 15 minuten later is het weer raak en is ook zustertje lief in paniek. De kinderarts is er snel en neonatologie volgt, zuurstof dipjes. Gelukkig blijken het opstart problemen en kunnen we twee dagen later als Jula dip vrij is, alsnog naar huis.
Dat we een tuinkabouter met iets te veel babbels als kraamhulp hebben nemen we op de koop toe, en aardig is ze zeker, aardig gek ja  zou Sijbrand zeggen.;-))

We openen nog even een winkeltje alsof het niets is, en besluiten dan dat het hoog tijd is onze ziekenhuis droom waar te maken. Met ons nieuwbakken gezin naar de zon, nieuwe energie opdoen en een welbewogen periode in stijl afsluiten. Dat deze gedachte mij ziekenhuis nachten lang op de been hield en de oersaaie 11 weken strikte bedrust deed overleven, maakte dat de plannen snel concreet gemaakt werden. We did it !, Ibiza en het was ultiem genieten. Je zult er niet van opkijken dat vast weer iets niet volgens planning ging bij de van’t Oevers… een draak van een keelontsteking komt de kop opsteken en probeert roet in het eten te gooien, maar mij krijgen ze niet zo snel klein hoor, antibiotica doet wonderen.
Wat een voorrecht is het toch om je meisjes om je heen te hebben, te genieten van je pracht, je gezin, en elkaar. Geluk zit in de kleine dingen, het is cliche maar waar. De zee, een croissantje met chocopasta, Spinazie met gehaktballen, Nova die vooral de hele wereld wil vertellen dat ze toch echt moet Poepen,… of dat haar papa toch echt een piemel heeft. Echt?? goh!

Ik kan na weken weer met Nova fietsen en moet ook kostelijk lachen als ze een knorrige ,nog net geen lilliputter, meneer in de Praxis aanspreekt en keer op keer zegt : ‘kleine meneeeheeeer, wie ben jij?’ ,en:  ‘mama, die meneer is wel heeeel klein, maar het is toch een meneer, dat is gek!!’. Dat hij plaatselijke bekendheid heeft als de Praxis tuinkabouter heb ik maar niet verteld, drie keer raden hoe ze hem dan de volgende keer aanspreekt….

Als ik afgelopen week trots op kraambezoek ga bij mijn pas bevallen vriendin, sta ik te janken als een klein kind. Wat is het toch mooi, nieuw leven op de wereld te mogen zetten. Het mooiste dat er bestaat. … , ik hoor de opa’s en oma’s al denken,… nee joh!,… voor een elftal gaan we heus niet hoor.. alhoewel … wel gezelligheid gegarandeerd, natuurlijk 😉

Er gaan gedachtes door me heen als, zal ik dit ooit nog meemaken, zwanger zijn, bevallen?, ….  Op die vraag kan ik geen antwoord geven. Een verhoogde kans op een vroeggeboorte zullen we nooit negeren, deze toestand was, zacht uitgedrukt,  heftig. Kan je nagaan hoe heftig een daadwerkelijke extreme vroeggeboorte is.

Maar goed, eind goed al goed, nu wil ik niet meer achterom kijken, of teveel met de toekomst bezig zijn (waar me nog een zware kaak operatie en wééér ziekenhuis boven mijn hoofd hangt). Ik wil nú genieten, van elk moment, met elke vezel in mijn lijf en voorlopig even geen medicijnen meer als pregabaline, pethidine, tramadol, antibiotica of prednison. Ik ben er klaar mee!
Vandaar dat ik waarschijnlijk heeeéééel per ongeluk, expres, bewust, onbewust het telefoontje om het kaak, beugel traject te starten steeds maar voor me uitschuif. Ik wil nog even in de ontkenningsfase zijn en laat mezelf nog even in die waan. Eerst maar eens doen wat ik zo gemist heb, leuke dingen doen met alle lieve mensen om me heen, genieten van de kindjes en weer aan het werk gaan. Ach artikeltjes en fotografie voor FHM en Jeanscult beoordelen, de marketing onder de loep nemen, inkoopplanningen maken, en de etalages onder handen nemen, is alleen maar leuk!

Noem het een wonder, noem het oerkracht, overlevingsdrang, geluk of het lot. .. Prachtige Jula is met een gezonde termijn geboren, de liefste baby ooit, en wij de gelukkigste ouders ever.

*Onder het motto van wij vieren het leven, heeft Sijbrand mij kaartjes gegeven voor North sea Jazz festival, Melody Gardot. Mijn meisjes zijn ter wereld gekomen op haar muziek, wat zal dat een bijzondere avond worden!

   

Tussen hoop en emotie…

22 Feb

Heen en weer geslingerd worden tussen hoop en wanhoop, blijdschap en emotie. Een zwangerschap volgens het boekje is dit allesbehalve. Wat hebben wij veel diagnoses en adviezen gehoord. Wat hebben wij veel verschillende gezichten gezien. Dokters, coassistenten, verpleegkundigen, Truusjes, Anitas, Anne-fleurs, Pieter-Hendriks, Sjakies en Sjonnies. Kundig, kortaf, wel een ‘klik’, of juist géén ‘klik’…

Diagnoses van; ‘je bevalt binnen één week’, tot ‘je vliezen zijn gebroken’ en; ‘je vliezen zijn toch niet gebroken’. Met als klap op de vuurpijl; ‘Volgende week heb jij je kindje in je armen, we gaan je inleiden’, tot ‘we gaan je helemaal niet inleiden’….

Als je denkt met 26 weken ieder moment te kunnen gaan bevallen, stel je, je daar op in. Je bevallingsvoelsprieten staan op scherp. Alhoewel je elke week blij bent dat er weer een week bij is, leef je in constante onzekerheid. Welke nog eens versterkt wordt door aanhoudende, weliswaar ‘niet effectieve’, maar pijnlijke weeën. Je krijgt een soort overlevingsmodus over je heen, waardoor je jezelf wegcijfert, ten behoeve van het nieuwe ‘te verwachte’ leven. Genen van jou en je geliefde, het toekomstige zusje van je prachtige dochter. Je wil zo graag je gezin compleet maken en hebt daar alles voor over, jouw pijn is niet belangrijk. Jouw lichaam in staat van een ander.

In blijde verwachting zijn, maakt plaats voor; ‘in verwachting’ zijn, wat weer plaats maakt voor  ‘verwachten’, en verwachten maakt plaats voor enkel en alleen ‘wachten’…

Je leeft elke seconde toe naar het moment dat je kleinste meisje mág komen.. , en geloof me als jijzelf inclusief de medici verwachten dat je met 26 weken bevalt, is de dag dat je de 34 weken- grens bereikt, het ondenkbare, de hemel, de gouden medaille, een overwinning op jezelf, de kers op de taart.

Je mag weer ‘mobiliseren’ na weken bedrust en kan doen wat iedere zwangere doet. ‘Keutelen’, ‘tutten’, ‘freubelen’, het zwangere kippetje uithangen, babykleertjes wassen en nestelen tot je een ons weegt. Jouw gevoelens die je wekenlang hebt weggestopt ten behoeve van dat, maar al te kleine, maar o zo eigenwijze, meisje in je buik, dwarrelen weer langzaam boven, vermoeidheid, verdriet, vreugde en spanning.

Alhoewel elke vezel in je lijf constant gespitst is op voortekenen van de bevalling, en de baby zich nu toch echt elk moment kan aandienen, ben je verbaasd dat het ‘rustig’  blijft aan het ‘beneden front’. Oké je hebt buikpijnen die voelen als weeën maar zelfs die wennen, en je begint ze steeds minder serieus te nemen. Je snelt regelmatig met gierende banden richting de verloskamers, maar stiekem geloof  je zelf steeds minder in verlossing. Zelfs als verloskundigen zeggen: ‘Maar mevrouw u bent aan het bevallen’, weet jij inmiddels beter, verlossing blijft uit, nog even dan…

Als  z.g.n. sedatie onontkoombaar is, en in eerste instantie een goede optie lijkt, blijkt na vijf keer platgespoten te zijn het effect nihil. Brakker dan brak en nog compleet van de wereld strompel je s’ ochtends na een nacht ‘chemische rust’ in een ziekenhuisbed  je eigen (inmiddels op klossen en voorzien van knisperend en zwetend bed-zeil) bed in, je hart slaat 200 beats per minuut, je handen trillen als een opa met parkinson. Dit moet hét gevoel zijn na een avond jezelf vrijwillig volstoppen met geestverruimende chemische troep, dat kan niet anders. Brakheid, ellende en vaagheid ten top en de ‘uitgerustheid’ ver te zoeken.

Langzaam verandert je mindset meer en meer, en ben je meer klaar voor een bevalling als ooit te voren.  Je bent er stiekem klaar mee en durft het zelfs uit te spreken. Je wil geen sedatie meer, geen onderzoeken ‘down-under’ zonder bevalling. Coassistentje hier en doktertje prik daar…

Als dan vorige week de verlossende woorden van de arts tegenover je zijn. ‘We gaan inleiden’, ben je oprecht blij en opgelucht. De finish is in zicht, doorpakken met die handel, it giet oan, een klein lichtpuntje aan de horizon die mijlen ver weg leek.

Omdat bij mij altijd dingen alles behalve ‘volgens het boekje’ verlopen, zit ik afgelopen maandag (de dag dat we dé datum te horen krijgen van de inleiding) enigszins nerveus in de wachtruimte. Om even later compleet in paniek en emotioneel incontinent te zijn tegenover dienstdoende gynaecoloog (in opleiding). Een ander gezicht als vorige week, iemand die me koeltjes meedeelt dat de inleiding niét doorgaat, want ze is het simpelweg niet met haar collega eens. Ze overlegt op ons verzoek nog met de gynaecoloog maar die geeft géén akkoord. Donder en bliksem, de grond onder je voeten waar je langzaam in weg zakt. Wéér wordt je mentaal heen en weer geslingerd alsof het niets is.

Alhoewel de dame in kwestie te doen heeft met ‘mijn situatie’, en begripvol tissues aanreikt, legt ze uit dat ze opdracht hebben gekregen om de norm voor inleidingen aan te scherpen en minder inleidingen te laten plaatsvinden. Onderzoeken hebben aangewezen dat er grotere kans is op keizersnedes. Er wordt dus naar statistieken en targets gekeken in plaats van naar mensen.

Moet je, je voorstellen dat je dat weekend net het laatste weekend met zijn drieën gevierd hebt met een etentje, je mentaal helemaal voorbereid hebt op wat komen gaat… Dan breken toch alle klompen in je nabije omgeving?? Schiet mij maar lek, for real!

Wordt er ook nog even doodleuk gezegd: ‘We sturen je natuurlijk niet met een kluitje in het riet’, Je krijgt van ons (tromgeroffel..) voor de hele week slaappillen mee en kan je, wanneer je maar wilt,  melden voor sedatie, één telefoontje en je krijgt een nachtje slaap in de vorm van de inmiddels bekende prik.

Mijn haren schieten recht overeind en ik barst in snikken uit. “ik wil geen slaappillen’, ‘ik wil geen prikken meer’, ik wil mijn kindje….

… en dat kindje gaat er komen. De volgende dag besluit ik dat ik een ‘second opinion’ wil. Vraag me niet waarom, maar iets in me zegt dat ik dat moet doen. Ik kies voor het ziekenhuis waar ik met Nova bevallen ben. Ze kennen daar mijn voorgeschiedenis omtrent die, allesbehalve makkelijke, bevalling.

Met zweet handjes komen we aan in het Alnatal in Nieuwegein en schudden we de gynaecoloog onze enigszins kleffe handen. Een vriendelijk man, voor het eerst in al die weken  zien we een échte gynaecoloog, in levende lijve, we voelen ons bijna vereerd, als een met uitsterven bedreigd soort. Hij is allesbehalve gehaast en zit er voor ons, luistert naar ‘ons verhaal’.  Als hij naar ‘Nova’ vraagt en begint over de helse bevalling en spildraai complicatie, wekt hij gelijk vertrouwen. De beste man is nog voorbereid ook!

We doen ons verhaal en hij meldt zijn verdere oordeel te vellen op basis van een inwendig onderzoek en een echo. Tot onze verbazing is  hij er, met de gegevens van mijn vorige bevalling, helemaal geen voorstander van me te lang door te laten lopen. Ik heb een grotere kans op een keizersnede i.v.m. de eerdere complicaties bij Nova, en zeker meer kans op een zware bevalling i.v.m. het niet indalen en verhoogd risico op een sterrenkijker. Hij neemt alle tijd en stelt voor as. maandag een vervolg afspraak te maken om te beoordelen of ik snel ingeleid kan worden.

Als we bij de balie staan om de afspraak in te plannen, worden we terug geroepen. Of we weer even plaats willen nemen in zijn spreekkamer. Hij vraagt of we ons maandag ochtend om 8 uur kunnen melden, én wel op de verloskamers. “Reken er maar op dat we als het even kan gelijk gaan doorpakken, neem je ziekenhuistas maar mee”

Er verschijnt een grijns op mijn gezicht die ik er niet meer af krijg, de achtbaan van emoties gaat vrolijk verder, loopings en kurkentrekkers waar je u tegen zegt, kriebels in mijn buik, en een zucht der opluchting bij Sijbrand, giet ’t dan toch oan???

We kunnen onze oren niet geloven, kijken elkaar aan en fluisteren tegelijk:  ‘maandag ochtend 8 uur’….